Column: Bevlogen raadslid speelde hoofdrol bij legalisering naaktstrand

CALLANTSOOG - De nu 77-jarige Jan Koelemeij werd in 1970 gevraagd om voor de PvdA plaats te nemen in de gemeenteraad van Callantsoog en werd vanaf dat moment een belangrijke speler in de lokale politiek tot ongeveer 1976.

Koelemeij is de zoon van dorpsveldwachter Reindert Koelemeij die in de jaren vijftig werd ’afgekeurd’ waardoor het gezin Koelemeij noodgedwongen een eenvoudig leven moest leiden. Hij herinnert zich nog goed dat hij het strand afstruinde om aangespoeld hout te verzamelen dat in de kachel van de woning werd verstookt. De hele winter lang werd het huis verwarmd met hout van het strand dat toen in grote hoeveelheden aanspoelde. Koelemeij woont al geruime tijd in het huis dat zijn vader destijds liet bouwen en is van plan om daar te blijven wonen zo lang als hem gegeven is.

Koelemeij was in de jaren vijftig lid van de reddingsbrigade en vaak op het strand te vinden. Het viel hem op dat er steeds meer mensen ter hoogte van paal 16 in hun blootje lagen te zonnen. Het waren toen voornamelijk Zweedse mensen die dat deden. ’In Zweden was dat toen al heel normaal’, zegt Koelemeij. Maar er kwamen ook Nederlandse naturisten. De naam van Nel Quist herinnert hij zich nog goed. Zij liet zich op de bon slingeren en maakte de gang naar de rechter waardoor er in de jaren zeventig jurisprudentie ontstond.

Koelemeij trad op als haar getuige tijdens de rechtszittingen en vertelde daar aan de rechters dat naturisme een onschuldig tijdverdrijf is. Naaktrecreatie was vanaf die tijd in principe niet langer verboden.

Koelemeij had het als vakbondsman bij de Vakbond voor uitvoerende kunstenaars heel erg druk. Eigenlijk had hij weinig tijd om zich in de lokale politiek te storten, maar na aandringen van het lokale PvdA-bestuur zwichtte hij en stelde zich kandidaat. De PvdA had namelijk iemand nodig die goed kon organiseren en onderhandelen. En daar had hij veel (vakbonds)ervaring mee. Lokaal links had iemand nodig die sterk in de schoenen stond. De PvdA zag in Koelemeij de ideale persoon om de grote politieke problemen rond projectontwikkelaar Sunclass aan te pakken. Dat bedrijf wilde een grote camping aan de Abbestederweg realiseren. Er was bovendien vriendjespolitiek ten aanzien van een lokale aannemer en daar wilde de PvdA korte metten mee maken. Er leek met de aanbestedingen gesjoemeld te zijn en bovendien wilde Sunclass er een mega-groot project van maken dat tenslotte plaats zou moeten geven aan zo’n 10.000 recreanten. De PvdA vond dat daardoor de recreatieve druk op Callantsoog veel te groot zou worden.

Op z’n 26ste kwam Koelemeij in de Callantsoger raad, die na de verkiezingen in 1970 bestond uit zeven leden. De PvdA kreeg drie zetels en de Burger Kies Vereniging vier. De PvdA koos niet voor oppositie, maar nam deel aan de coalitie, waarbij de PvdA en de BKV collegiale samenwerking afspraken. ’De BKV nam onverkort ons verkiezingsprogramma over’, zegt Koelemeij nog enigszins verbaasd. Koelemeij werd meteen wethouder, hoewel hij nog geen raads ervaring had. Een sprong in het diepe dus.

Christiaan Moll was als burgemeester aangesteld. Moll kon echter niet zo goed functioneren vanwege een slecht geheugen veroorzaakt door een hersenoperatie. Bij belangrijke besprekingen werd hij altijd vergezeld door een ambtenaar die als zijn ’geheugen’ fungeerde. Al snel bleek dat Moll en collega-wethouder Leguit zich niet conformeerden aan de in het college afgesproken collegiale samenwerking omdat zij zonder Koelemeij’s  medeweten gesprekken voerden met Sunclass medewerkers over het door dat bedrijf te ontwikkelen recreatiepark. Er zou volgens Koelemeij door die grootse  plannen een wanverhouding tussen recreëren en wonen zijn ontstaan. Het principe van ’collegiaal bestuur’ werd door het gedrag van Moll en Leguit met voeten getreden. Koelemeij kon niet anders dan aftreden. Hij was maar een half jaar wethouder geweest. Het nieuwe college werd gevormd door burgemeester Moll en de BKV-wethouders Leguit en Stam.

De PvdA ging in oppositie. Over wethouder Stam doet Koelemeij uit de doeken dat deze meestal onvoorbereid aan de vergaderingen deelnam. ’Hij maakte de enveloppe met de raadsstukken aan het begin van de vergadering pas open’, zegt hij enigszins verontwaardigd.

Zo vanaf 1971 speelde zich een spraakmakende politieke kwestie af in Callantsoog. De Nederlandse Federatie van Naturistenverenigingen (NFN) diende bij de gemeente een officieel verzoek in om het naaktstrand bij paal 16 te legaliseren. Pas in 1973 vond een stemming in de raad plaats, waardoor Callantsoog het eerste legale naaktstrand in Nederland kreeg. Met vijf stemmen vóór en slechts twee tegen werd de motie aangenomen en het voor naaktrecreanten mogelijk gemaakt om zonder problemen bij paal 16 hun kleren uit te trekken.  

De bejaarde Piet Vos was destijds de meest fervente tegenstander van naaktrecreatie. Hij schreef stukken naar de krant en zelfs een brief naar prins Claus. Ook organiseerde hij een demonstratie op de avond van de raadsvergadering. Al zijn inspanningen waren echter tevergeefs.

Na de verkiezingen in 1974 werd Koelemeij weer wethouder en nam na het vertrek van Moll nog enige tijd diens taken als burgemeester waar. Dat beviel hem zo goed dat hij in 1976 solliciteerde naar de vacature. De Commissaris van de Koningin had hem bij de vertrouwenscommissie aanbevolen, maar deze koos een andere kandidaat. Blijkbaar was hij er niet in geslaagd voldoende ’vrienden’ te maken en wilde men geen kandidaat ’uit eigen gelederen’. Koelemeij stond tijdens zijn raadslidmaatschap pal voor een eerlijk en goed bestuur en was wars van achterkamertjespolitiek.

Koelemeij verliet in hetzelfde jaar (1976) de politiek en is 30 jaar lang leidinggevende van Woningbouwvereniging Anna Paulowna geweest. Hij is er nog steeds trots op dat de Woonbond ’zijn’ organisatie in 2004 uitriep tot beste woningbouwcorporatie en ziet dat nog altijd als een grote pluim voor de medewerkers, de huurders en het bestuur...

Kees Zwaan

Jan Koelemeij Jan Koelemeij